tel 071 40 102 10 • info@qp-advies.nl

September 2015

Belangrijkste voorstellen Prinsjesdag 2015
FinanciŽle planning
Pensioenknip! Iets voor u?
Achtergrond van de onrust op de financiŽle markten
Wat doet een scheiding met de omgeving? En waar kan je terecht?
Spaarrente
Renteverwachting hypotheken


Belangrijkste voorstellen Prinsjesdag 2015
Wij hebben voor u de belangrijkste voorstellen van Prinsjesdag samengevat. Wij willen u er op wijzen dat het nog slechts voorstellen zijn en dat deze nog gewijzigd kunnen worden. Bovendien vindt u hier slechts een overzicht van in onze ogen de belangrijkste voorstellen (niet alle voorstellen zijn opgenomen in dit overzicht).

Belastingen 2016 gaan omlaag
  • De eerste belastingschijf wordt verhoogd met 0,05% naar 36,55%
  • De tweede en derde belastingschijven worden verlaagd tot 40,15% (2015: 42%)
  • De derde belastingschijf wordt verlengd tot € 66.421 (2015: € 57.585)
  • De vierde belastingschijf begint bij € 66.421 en blijft op 52%
  • Het forfaitair rendement (nu nog 4%) in box 3 (onder andere spaargeld en beleggingen) wordt afhankelijk van de hoogte van de grondslag in box 3. Hoe hoger uw vermogen, hoe hoger de belastingheffing
    • schijf 1 (tot € 100.000) - 2,9% (effectief: 0,87%)
    • schijf 2 (€ 100.000 - € 1.000.000) - 4,7% (effectief: 1,41%)
    • schijf 3 (vanaf € 1.000.000) - 5,5% (effectief 1,65%)
  • Het heffingsvrije vermogen (het vermogen waarover geen belasting betaald hoeft te worden) wordt in 2017 verhoogd tot € 25.000 (nu nog € 21.330)
  • De ouderenkorting (een korting op de te betalen belasting) stijgt tot € 1.187 (2015: € 1.042).
  • Het afbouwpercentage in de algemene heffingskorting (korting op de betalen belasting) stijgt met 2,476% naar 4,796%. Belastingplichtigen met inkomen vanaf € 66.241 ontvangen in 2016 geen algemene heffingskorting meer
  • In 2016 wordt het maximumbedrag van de arbeidskorting (een korting op het te betalen belasting bedrag) extra verhoogd tot € 3.103
  • De arbeidskorting wordt volledig afgebouwd bij hogere inkomens. Startpunt van de afbouw is € 34.000 en eindpunt van de afbouw is € 111.600
  • De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK, ook een korting op het te betalen belastingbedrag) gaat in 2016 omhoog tot 6,159% tot maximaal € 2.769

Gezin
  • Vanaf 2016 gaat het kindgebonden budget voor derde en volgende kinderen omhoog
  • Het kindgebonden budget voor het tweede kind gaat in 2016 eenmalig omhoog
  • Er is € 60 miljoen beschikbaar om alle peuters 2 dagdelen per week naar kinderopvang te brengen
  • De kinderopvangtoeslag voor het eerste en tweede kind gaat in 2016 omhoog met 5,8%
  • Vanaf 2017 gaat het betaald kraamverlof voor vaders en partners van 2 naar 5 dagen

Woonmaatregelen
Op het gebied van de eigen woning zijn slechts enkele nieuwe belangrijke maatregel te verwachten:
  • De schenkingsvrijstelling gaat vanaf 2017 structureel naar € 100.000 voor financiering van de eigen woning (aankoop of verbouwing) of aflossing van de hypotheek. Er is geen familierelatie nodig, maar de ontvanger moet 18 tot 40 jaar zijn. Wie in 2015 of 2016 gebruikmaakt van de vrijstelling, mag deze in 2017 aanvullen tot € 100.000
  • Voor een dubbele vrijstelling van een verzekeringsuitkering moeten beide partners verzekeringsnemer of onherroepelijk begunstigde zijn. Doordat dit vaak niet goed geregeld is in de polis kan een deel van de uitkering worden belast. Het kabinet wil dat ook in de aangifte inkomstenbelasting een beroep gedaan kan worden op de dubbele vrijstelling zodat een aanpassing van de polis niet meer nodig is

De overige maatregelen zijn al eerder aangekondigd:
  • De maximale hypotheekrenteaftrek daalt per 01-01-2016 met 0,5% tot 50,5% en wordt verder afgebouwd tot 38% in 2028
  • De ltv-ratio (maximale hypotheek op basis van de waarde van woning) gaat van 103% naar 102% van de woningwaarde en daalt verder tot 100% in 2018
  • De NHG-grens gaat naar € 225.000 per 01-07-2016
  • De schenkingsvrijstelling gaat vanaf 2017 structureel naar € 100.000 voor financiering van de eigen woning (aankoop of verbouwing) of aflossing van de hypotheek. Er is geen familierelatie nodig, maar de ontvanger moet 18 tot 40 jaar zijn. Wie in 2015 of 2016 gebruikmaakt van de vrijstelling, mag deze in 2017 aanvullen tot € 100.000

Voor de huurwoning zijn de volgende maatregelen te verwachten
  • De huren stijgen met 2,5% bovenop de inflatie
  • Voor scheefwoners (vanaf € 38.950) kan de huurstijging 4% plus inflatie zijn. Het inkomen wordt elke 5 jaar getoetst
  • Vanaf 2016 wordt de liberalisatiegrens 3 jaar bevroren op € 710,68
  • Het kabinet introduceert tijdelijke huurcontracten van maximaal 1 jaar

WW
Door de Wet werk en zekerheid (Wwz) wordt een aantal wijzigingen in de WW in 2016 van kracht.
  • De maximale WW-duur gaat stapsgewijs omlaag van 38 maanden naar 24 maanden
  • De opbouw van WW-rechten wordt aangepast
  • De faillissementsuitkering in de WW wordt gemaximeerd op 150% van het maximum dagloon

Gezondheidszorg
  • Het verplicht eigen risico gaat in 2016 van € 375 naar € 385
  • De zorgpremie stijgt vermoedelijk met € 7 per maand. Vóór 19-11-2015 komen de zorgverzekeraars met hun premie
  • De zorgtoeslag voor de laagste inkomens stijgt in 2016 met € 8 per maand
  • Er komt meer geld voor dagbesteding in verpleeghuizen: 1 uur begeleiding per patiënt per 5 dagen


FinanciŽle planning
Volgens een onderzoek van Netspar (een onderzoeksnetwerk op het gebied van pensioen, vergrijzing en pensionering) spaart de helft van de huishoudens meer voor pensioen dan wat ze zelf nodig denken te hebben.

Netspar heeft niet alleen naar het pensioen inclusief de AOW gekeken, maar ook naar de eigen woning en eventuele extra opgebouwde pensioenspaarpotjes van mensen. Uit die berekening blijkt dat Nederlanders er in het algemeen op vooruit gaan als ze met pensioen gaan. Ze hebben dan netto meer te besteden dan voor pensionering.

Met name de hoge (verplichte) aflossingen op de hypotheekschulden zorgen voor een flink hoger netto besteedbaar inkomen na pensionering. Wanneer de woning immers volledig is afgelost (sinds 2013 min of meer een verplichting voor iedereen die vanaf dat moment een eigen woning koopt) vallen een groot deel van de uitgaven weg. Een andere belangrijke rol speelt het wegvallen van de uitgaven aan de kinderen. Rond pensioendatum zijn de kinderen veelal financieel zelfstandig, waardoor ze niet meer of minder financieel ondersteund behoeven te worden. Tenslotte wordt het pensioeninkomen minder zwaar belast (inkomstenbelasting) dan het inkomen voor pensionering.

Het pensioeninkomen van veel Nederlanders is echter niet zeker. Beleggingen die minder opleveren dan verwacht, de lage rente en de steeds hogere levensverwachting kunnen de pensioeninkomens onder druk zetten. Maar zelfs wanneer rekening wordt gehouden met een 20% lager pensioen, spaart de helft van de Nederlanders nog steeds teveel volgens het onderzoek van Netspar.

Ook wij zien in de praktijk dat door de hoge verplichte aflossingen op de hypotheek, het inkomen na pensionering vaak veel ruimer is dan voor pensionering. En zeker vergeleken met de periode wanneer kinderen nog financieel onderhouden dienen te worden. Dat houdt in dat mensen in de periode rond hun veertigste (wanneer ze veel uitgaven hebben aan kinderen en aflossing hypotheek) vaak niet extra voor hun pensioen hoeven te sparen. Ondanks alle negatieve berichten over de pensioenopbouw.

De verschillen tussen de Nederlandse huishoudens zijn echter erg groot. Ongeveer 35% van de huishoudens heeft een te laag inkomen na pensionering om hun gewenste uitgavenniveau na pensionering te behalen. Dit zijn vooral zelfstandigen, gescheiden mannen en vrouwen, en gezinnen met een hoog inkomen. Bijna de helft van de zelfstandigen bouwt onvoldoende vermogen op om het gewenste uitgavenniveau na pensionering te behalen. Ook bij de hogere inkomens bouwt de helft van de mensen minder op dan gewenst doordat zij afhankelijk zijn van eigen besparingen (de pensioenopbouw is vaak gemaximeerd tot een bepaald inkomen). Deze eigen besparingen blijven echter achter bij wat nodig is.

Uit het onderzoek van Netspar blijkt hoe belangrijk individuele financiële planning is. Het ene huishouden bouwt teveel op en het andere huishouden juist veel te weinig. Slechts 16% van de Nederlanders (onderzoek consultant Cicero) blijkt zich voorbereid te voelen op zijn pensioen en op schema te zitten om de pensioendoelen te bereiken, terwijl 55% aangeeft het gevoel te hebben nauwelijks voorbereid te zijn. Dit gevoel komt dus niet overeen met het onderzoek naar de werkelijke pensioenopbouw van Netspar, wat een veel beter geeft over de pensioenopbouw. Laat u niet verrassen en laat de onzekerheid achter u.

Een Financieel Plan geeft u inzicht in uw pensioenopbouw en hoever u op schema bent om uw gewenste inkomen en daarmee uw gewenste levensstijl na pensionering te bereiken. Zeker wanneer u zelfstandig ondernemer bent, of wanneer uw inkomen bovenmodaal is, is de kans groot dat uw pensioenopbouw achterblijft. U kunt met ons contact opnemen over een vrijblijvend en kosteloos gesprek over de mogelijkheden van Financiële Planning en de kosten voor het opstellen van een Financieel Plan.


Pensioenknip! Iets voor u?
Vooruitlopend op wetgeving die meer flexibiliteit in de uitkeringsfase van een pensioen mogelijk moet maken, heeft de staatsecretaris besloten om de ‘pensioenknip’ voor een periode van 2 jaar opnieuw mogelijk te maken.

Bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd moest tot 2009 van het pensioenkapitaal in één keer een pensioen in de vorm van periodieke pensioenuitkeringen aangekocht worden. De hoogte van die periodieke uitkeringen was onder andere afhankelijk van de rentestand op dat moment. Hoe hoger de rente, des te hoger de pensioenuitkering.
De lage rentestand van de afgelopen jaren zorgde ervoor dat het levenslange pensioen véél lager uitviel dan verwacht. In de jaren 2009-2013 heeft de overheid toegestaan dat van het pensioenkapitaal niet in één keer, maar op twee momenten een pensioen aangekocht mocht worden.

De werkwijze is als volgt. Er werd eerst berekend hoe hoog een levenslang pensioen zou zijn. Vervolgens werd berekend hoeveel kapitaal nodig was om dat bedrag voor een periode van 5 jaar te kunnen uitkeren als pensioen, de zogenaamde koopsom. Het nog resterende pensioenkapitaal werd voor een periode van 5 jaar uitgesteld. Voor dit deel moest na 5 jaar een levenslang pensioen worden aangekocht.
De verwachting was dat van dit uitgestelde deel een pensioenuitkering kon worden aangekocht dat tenminste gelijk zou zijn aan het pensioen uit de eerste 5 jaar.

Helaas is voor diegene die gebruik hebben gemaakt van de (eerste) pensioenknip deze verwachting niet uitgekomen. De rente is in de achterliggende jaren verder gedaald. Deelnemers hebben of krijgen door deze lagere rente een lagere pensioenuitkering.

Op dit moment wordt door de overheid gewerkt aan de ‘Wet Variabel pensioenuitkering’. Het doel van deze wet is dat het pensioenkapitaal niet meer wordt omgezet in een levenslang pensioen op pensioendatum, maar dat doorbeleggen na pensioendatum mogelijk moet zijn.

Totdat de ‘Wet Variabele pensioenuitkering’ is geïmplementeerd wil de regering een tijdelijke oplossing bieden door de ‘pensioenknip’ weer te activeren voor een periode van 2 jaar. Deze periode eindigt uiterlijk 1 juli 2017. Na de periode moet van het resterende pensioenkapitaal een levenslange uitkering worden aangekocht.

Voorwaarden:
  • Het pensioen mag nog niet zijn ingegaan
  • De pensioendatum moet voor 01-01-2017 liggen
  • Zij die eerder dit jaar een pensioen hebben aangekocht, kunnen niet alsnog gebruik maken van de pensioenknip
  • Een eventueel partnerpensioen volgt de gemaakte keuze voor het ouderdomspensioen
  • Pensioenuitvoerders moeten meewerken als het pensioenkapitaal tenminste € 10.000 bedraagt
  • De pensioenknip geldt niet voor lijfrentekapitaal

De vraag kan zijn of de keuze voor de pensioenknip verstandig is.  Een van de belangrijkste punten is de verwachting met betrekking tot  de rente. Bij een hogere rente resteert een hogere pensioenuitkering na de periode van 2 jaar. Voor diegene die gebruik hebben gemaakt van de ‘eerste’ pensioenknip is deze verwachting niet uitgekomen. Anderzijds ligt het niet voor de hand dat aanpassing van wetgeving in de Wet Variabel pensioen van toepassing zal worden op al ingegane pensioenuitkeringen. U heeft dan de keus tussen nu een levenslang pensioen aankopen of gebruik maken van de pensioenknip en hopen op een hogere rente. Het belangrijkste hierbij is de vraag in hoeverre u afhankelijk bent van uw pensioeninkomen en of u een mogelijk lager pensioen na de periode van de pensioenknip financieel kunt dragen.


Achtergrond van de onrust op de financiŽle markten
Op alle aandelenbeurzen wordt het koersverloop van de afgelopen dagen vooral bepaald door het nieuws over een mogelijke afkoeling van de Chinese economie. Angst voor tragere groei in China zorgt voor lagere koersen op alle aandelenbeurzen wereldwijd.
Beleggers twijfelen of het huidige groeitempo van de Chinese economie houdbaar is. In 2009 bedroeg deze groei nog bijna 12%. Vanaf dat jaar is het groeitempo afgenomen. Over de eerste helft van 2015 rapporteerde de Chinese economie een groei van 7% ten opzichte van een jaar eerder.
Beleggers twijfelen aan de kwaliteit van deze statistiek. Zij denken dat de werkelijke groei (al) lager ligt. Een harde landing van de Chinese economie (een snelle draai van groei naar zeer langzame groei, stilstand of zelfs recessie) zien zij als een mogelijk risico voor de wereldeconomie. Samen met deflatie in de Eurozone zou dit er toe kunnen leiden dat onder meer ook de VS in een recessie wordt geduwd. China is een grote afnemer van grondstoffen. Daardoor zien we ook koersdalingen op de grondstoffenmarkten, waaronder de olieprijs. Dit is weer nadelig voor opkomende markten, die op hun beurt voor een groot deel van hun inkomsten afhankelijk zijn van grondstoffen. De wereldwijde aandelen index (MSCI World Index) is na een plus van 14,72% over dit jaar eind mei teruggezakt naar een plus van 1,45% voor dit jaar per 18 september. De beurzen in de opkomende landen hebben echter zwaardere verliezen geleden. De MSCI Emerging Markets Index is met 7,7% gedaald dit jaar tot nu toe.

De obligatiemarkten hebben in Europa en de VS nauwelijks op de dalingen van de aandelenbeurzen gereageerd. De ontwikkelingen op de obligatiemarkten worden vrijwel volledig gestuurd door de beslissingen van de FED (Amerikaanse centrale bank). Afgelopen donderdag heeft de FED besloten (met een nipte meerderheid) om de rente nog niet te verhogen. Wij zijn van mening dat een renteverhoging niet lang meer op zich laat wachten, gezien de nipte meerderheid in het bestuur van de FED. Wellicht was een renteverhoging ook beter geweest voor de rust op de financiële markten, omdat investeerders dan weten waar men aan toe is. De obligatiemarkt heeft in de afgelopen maand nauwelijks rendement opgeleverd (0,0% in september en -0,3% over het gehele jaar, Barclays Euro Aggregate Bond). Ook hier geldt dat de obligatiemarkten in de opkomende markten stevige verliezen hebben geleden. Veel beleggers hebben geld uit de opkomende markten onttrokken, waardoor de obligatiekoersen in die landen gedaald zijn.

Beleid van QP Advies
QP Advies heeft in maart dit jaar de  portefeuilles van haar klanten herwogen en het belang in aandelen teruggebracht. Onderdeel van ons beleid is geen beslissingen te nemen op basis van emoties. Op dit moment lijkt er sprake te zijn van een paniektoestand op de beurzen. De vraag is of hierdoor een overreactie ontstaat, die later leidt tot een herstel. Omdat we dit niet kunnen voorspellen, hebben we besloten op dit moment geen aanpassingen in de portefeuilles van onze klanten te doen. De huidige verdeling van de beleggingen sluit volgens ons goed aan bij de huidige situatie op de financiële markten.

Uiteraard monitoren we de portefeuilles van onze klanten dagelijks. Dalen de koersen verder, dan beslissen we over het vergroten van het aandelenbelang. We kopen dan dus – een klein belang – aandelen aan op die lagere koersniveaus, waarbij we – een klein belang – obligaties en liquiditeiten verkopen.

Ook als koersen niet verder dalen, of zelfs herstellen, kunnen we besluiten tot een herweging van het aandelenbelang. Bij een herweging beoordelen wij altijd of het risico van de portefeuille als geheel binnen de door ons gestelde grenzen blijft.

Uw persoonlijke situatie kan echter aanleiding zijn om, juist nu de financiële markten wat zijn gedaald, extra te investeren in uw portefeuille. Dit is volledig afhankelijk van de doelstelling die u heeft met uw portefeuille en uw beleggingshorizon (de periode die u nog heeft om te beleggen)!

De rendementen van onze portefeuilles in 2015 zijn stabiel. De defensieve portefeuille heeft een negatief rendement van 1,1% over dit jaar. Het negatieve rendement is veroorzaakt door de (overigens beperkte) beleggingen in de opkomende markten en het hoge belang in de obligaties.

De neutrale portefeuille heeft een negatief rendement van 1,0% over dit jaar. Ook dit negatieve rendement is veroorzaakt door de (overigens beperkte) beleggingen in de opkomende markten en het hoge belang in de obligaties.

De offensieve portefeuille heeft een negatief rendement van 0,14% over dit jaar, terwijl de zeer offensieve portefeuille een positief rendement van 0,4% over dit jaar heeft behaald. De hogere rendementen voor de offensieve een zeer offensieve portefeuille ten opzichte van de defensieve en de neutrale portefeuille worden veroorzaakt door het hogere belang in aandelen en vastgoed. Juist deze twee beleggingscategorieën lieten een beter rendement zien dan de obligaties.

Alle rendementen zijn na kosten. Indien u vragen heeft, zijn wij graag bereid deze vragen te beantwoorden. Ook wanneer u wenst te starten met het opbouwen van vermogen, kunt u contact met ons opnemen.


Wat doet een scheiding met de omgeving? En waar kan je terecht?
Indien partners besluiten om niet meer als partners verder te gaan, start de emotionele achtbaan. Niet alle achtbanen gaan even hard en duren even lang, maar ze zorgen wel voor spanning. Als partners doe je er goed aan om met elkaar in gesprek te blijven. Je kan kiezen voor een scheiding in goed overleg. Een mediator bevordert de omgang met elkaar in het belang van de kinderen. Wat doet een scheiding of beëindiging samenleving met de omgeving?

Allereerst natuurlijk de kinderen. Hun veilige basis valt als een kaartenhuis in elkaar. Ze hebben behoefte aan veiligheid, duidelijkheid en bevestiging. Je kunt hulp krijgen om de scheiding zo goed mogelijk te regelen voor de kinderen. Leer kijken door de ogen van het kind. Op de website van Villa Pinedo (www.villapinedo.nl) kan je veel informatie vinden. Ook lees je hier ervaringen van kinderen en kun je er online een workshop volgen. Je kan ook meedoen aan het programma “kies voor het kind”. Dit programma is zowel voor de kinderen als de ouders en wordt op veel scholen georganiseerd of via het Centrum voor Jeugd en Gezin. Het voordeel hiervan is dat kinderen samen met lotgenoten zijn en ze beseffen dat ze niet de enige zijn. Dit sterkt ze en kan ervoor zorgen dat kinderen sneller/beter kunnen aangeven wat ze wel en niet willen. Ook de leerkracht speelt een belangrijke rol en kan goed signalen van het kind oppakken. Bespreek de situatie met de leerkracht zodat de leerkracht weet wat er speelt en hierop kan inspelen.

Ook voor de grootouders, ooms en tantes, neven en nichten heeft een scheiding veel impact. Moeten ze partij kiezen? Mogen ze de andere partij nog wel blijven zien? Zien ze de kleinkinderen nog wel?  Opa’s en oma’s spelen een belangrijke rol in het leven van veel kinderen. Het is belangrijk om hier samen afspraken over te maken. Deze afspraken kunnen opgenomen worden in het ouderschapsplan.

Hieronder volgen enkele boekentips:

Titel  Auteur
Aan alle gescheiden ouders Marsha Pinedo en Petra Vollinga
Ik wil niet kiezen tussen papa en mama Danielle Vogels
De gids over scheiding en kids Anjolein Schraven-Zwart
Van alles twee Martine Delfos
Kinderen & Scheiding Jennifer Croly
Ik hoor bij jullie allebei (werkboek) Riet Fiddelaers-Jaspers



Spaarrente
Bank Huidige rente Rentemei 2015 Voorwaarden
Argenta spaarrekening 1,2% 1,4% -
Argenta jongerenrekening 1,35% 1,55% < 18 jaar
DeltaLloyd internetrekening 0,75% 1,0% Saldo tot € 25.000
DeltaLloyd internetrekening 0,95% 1,2% Saldo vanaf € 25.000
Reaal keuze sparen 1,1% 1,35% Wordt niet meer
aangeboden
Zwitserleven maandsparen 1,3% 1,35% Maandelijkse storting
€ 100 - € 1.000



Renteverwachting hypotheken
QP Advies informeert u graag over de ontwikkeling van de rente en de verwachtingen omtrent de richting van de rente. Hierbij wordt een verschil gemaakt tussen de korte/variabele rente en de lange rente.

Verwachtingen voor de korte/variabele rente(t/m 5 jaar vast)
De Europese Centrale Bank (ECB) houdt al geruime tijd haar rentetarieven uitzonderlijk laag. De ECB moet ervoor zorgen dat de inflatie in de eurozone dichtbij, maar beneden 2% ligt. In augustus was de inflatie echter slechts 0,2%. De lage inflatie heeft onder andere te maken met de sterke daling van de olieprijzen. Maar ook zonder beweeglijke prijscomponenten, zoals olie en voedsel, ligt de inflatie ver beneden het nagestreefde niveau. De kans dat de inflatie laag blijft, is verder toegenomen door de groeivertraging in China en de onrust hierover op financiële markten (zie het artikel Achtergrond van de onrust op de financiële markten). De ECB heeft dus alle reden om de rentetarieven laag te houden. Wij houden er daarom rekening mee dat de korte hypotheekrente voorlopig gelijk blijft.

Verwachtingen voor de lange rente(vanaf 10 jaar vast)
De ECB koopt maandelijks op grote schaal obligaties op om de lange rente laag te houden en de kredietverlening te stimuleren. Aanvankelijk was de ECB bijzonder succesvol. In april bereikte de Nederlandse tienjaarsrente een laagterecord van 0,3%. Maar beleggers vonden het rendement op obligaties te bescheiden tegen de achtergrond van de verbeterde economische vooruitzichten. Inmiddels staat de rente weer op 0,9%. Als gevolg daarvan kunnen banken zich minder goedkoop financieren. Hier komt bij dat banken vanaf 2020 hogere buffers moeten aanhouden voor hypotheekleningen. De financieringslasten van banken zullen daardoor stijgen. Daartegenover staat dat een aantal nieuwe aanbieders de hypotheekmarkt hebben betreden. De concurrentie neemt toe, wat ook blijkt uit de afnemende rentemarge voor geldverstrekkers.  De lange hypotheekrente lijktdus waarschijnlijk voorbij het dieptepunt, maar voor de komende maanden gaan wij nog uit van gelijkblijvende of licht stijgende hypotheektarieven.

Disclaimer
Deze rentevisie is gebaseerd op een prognose afkomstig van de afdeling Balansmanagement van ABN AMRO Hypotheken Groep. De prognose is aangevuld en bewerkt door QP Advies. ABN AMRO Hypotheken Groep en QP Advies aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden in de gegevens of prognoses, noch voor de consequenties van het al dan niet handelen op basis van de gepresenteerde renteprognoses en/of gegevens.


achtergrond