tel 071 40 102 10 • info@qp-advies.nl

Juli 2014

"Open huis"
In de diepte | Pensioenfonds voor de ZZP-er
Op de hoogte
Renteverwachting hypotheken
Overzicht spaarrente


"Open huis"
Op vrijdag 27 juni jongstleden hadden wij onze deuren open gezet voor alle relaties om een kijkje te nemen op ons nieuwe locatie. We hebben veel enthousiaste reacties mogen ontvangen. Wij willen iedereen langs deze weg bedanken voor uw aanwezigheid. Ondanks dat wij hebben aangegeven dat uw aanwezigheid voor ons voldoende is, hebben we een mooi bedrag kunnen doneren aan de stichting “Make a Wish”.


In de diepte | Pensioenfonds voor de ZZP-er
Al in januari van dit jaar werd bekend dat de zelfstandige zonder personeel (ZZP-er) vanaf 1 januari 2015 vrijwillig een pensioen kan opbouwen bij een collectieve regeling. De verwachting is dat deze regeling ook open staat voor de zelfstandige met personeel. Voorwaarde is echter dat men wel ondernemer is volgens de Wet Inkomstenbelasting. Directeur Groot Aandeelhouders (DGA’s) kunnen naar alle waarschijnlijkheid niet gebruik maken van deze regeling.

Vorige maand werd bekend dat APG de uitvoerder van de regeling wordt. APG is onder andere de uitvoerder van de pensioenregeling van de ambtenaren (het ABP) en beheert voor zijn opdrachtgevers het pensioenvermogen van 4,5 miljoen Nederlanders. Het totale beheerde vermogen bedraagt op dit moment zo’n 375 miljard euro. De collectieve regeling gaat dus door een van de allergrootste partijen in de pensioenwereld uitgevoerd worden.

De exacte regeling is nog niet geheel duidelijk. Allereerst geven we een overzicht van de onderdelen in de regeling die reeds duidelijk zijn. Vervolgens geven we een overzicht van de vragen die nog open staan. Tenslotte vergelijken we de nieuwe regeling met de reeds bestaande regelingen voor de ZZP-er voor het opbouwen van vermogen na pensionering.

Overzicht regeling
  • De administratiekosten bedragen voor de ZZP-er jaarlijks € 35. Daarnaast wordt 0,35% van het belegd vermogen jaarlijks afgedragen aan beleggingskosten;
  • Het ZZP-pensioenfonds kent geen winstoogmerk, waardoor de initiatiefnemers claimen dat de regeling tegen zeer lage kosten uitgevoerd kunnen worden;
  • Iedere ZZP-er bouwt een eigen kapitaal op. Het kapitaal wordt apart geregistreerd en de behaalde rendementen worden ook individueel aan de deelnemer toegekend. Het kapitaal wordt dus niet op één hoop gegooid, zoals bij een collectieve pensioenregeling nu wel vaak het geval is;
  • De deelname is vrijwillig. Er is (nog) geen verplichting om mee te doen aan deze vorm van pensioenopbouw. De CNV pleit overigens wel voor een verplichting. Zij vinden dat alle ZZP-ers verplicht pensioen moeten opbouwen. Vooralsnog is dat dus nog geen wetgeving;
  • De inleg is flexibel. De ZZP-er kan zelf bepalen hoeveel hij inlegt;
  • De pensioenleeftijd kan zelf worden bepaald tussen 60 en de 70 jaar;
  • Voor de duur van de pensioenuitkering kan de ZZP-er zelf kiezen uit de volgende mogelijkheden: 10, 15 of 20 jaar';
  • Het opgebouwde vermogen wordt belegd in een lifecycle fonds. Dit is een fonds dat belegt in aandelen en obligaties (eventueel nog aangevuld met andere beleggingscategorieën). Naarmate een ZZP-er ouder is/wordt, wordt er minder in aandelen en meer in obligaties belegd. Op die manier wordt het risico van de belegging afgebouwd naarmate de ZZP-er ouder wordt en de pensioenleeftijd dichter bij komt;
  • Er komt een mogelijkheid om af te wijken van de beleggingsmix tussen aandelen en obligaties die bij de leeftijd van de ZZP-er behoort;
  • Het opgebouwde vermogen kan bij langdurige arbeidsongeschiktheid worden opgenomen om het inkomen op dat moment aan te vullen. Het is echter nog niet duidelijk welke criteria daarvoor gaan gelden;
  • Bij onverhoopt vroegtijdig overlijden van de ZZP-er gaat het vermogen over naar de nabestaanden;
  • Het opgebouwde vermogen is niet opeisbaar voor derden. Zoals het er nu naar uitziet, kan ook een eventuele curator het vermogen niet opeisen;
  • Het opgebouwde vermogen maakt geen onderdeel uit van de vermogenstoetsen voor de sociale zekerheid zoals de Wet werk en bijstand;
  • De inleg is volledig aftrekbaar van de inkomstenbelasting in box 1 en de uitkeringen zijn belast voor de inkomstenbelasting in box 1 op het moment van uitkeren. Het opgebouwde vermogen wordt niet belast in box 3 met de vermogensrendementsheffing van 1,2%
     

Wat is er nog niet bekend?

  • Komt er een minimale en maximale inleg per jaar? En gaan daarvoor de huidige fiscale regels gelden zoals ze ook gelden voor de inleg op een lijfrentebankspaarrekening? Wij kunnen ons niet voorstellen dat daar geen regels voor komen;
  • Wat is de invloed van de opbouw via het pensioenfonds voor de ZZP-er op de maximale opbouw via de lijfrentebankspaarrekening?
  • Wordt er tijdens de uitkerende fase een vaste rentevergoeding gegeven en mag er met het opgebouwde kapitaal “geshopt” worden voor de beste uitkering op dat moment? Waarschijnlijk is dat niet het geval, wat een belangrijk nadeel kan zijn;
  • Hoe ziet de opbouw van het lifecycle beleggingsfonds eruit en berekent dit fonds ook nog beheerskosten, naast de reeds genoemde kosten?
  • Kan er ook alleen gespaard worden? Of moet er altijd belegd worden?
  • Onder welke voorwaarden kan het vermogen opgenomen worden bij arbeidsongeschiktheid?
  • Onder welke voorwaarden gaat het vermogen over naar de nabestaanden bij een overlijden van de ZZP-er


Wij hebben nog voldoende vragen, waardoor wij de ontwikkelingen rondom dit fonds nauwlettend voor u zullen volgen. 

Vergelijking met bestaande regelingen
Als ondernemer (met of zonder personeel) heeft nu al voldoende mogelijkheden om vermogen voor later op te bouwen:

• Lijfrentebanksparen
• Oudedagsreserve
• Vrij vermogen in box 3

In deze nieuwsbrief willen we het pensioenfonds met name vergelijken met het lijfrentebanksparen. Het pensioenfonds lijkt namelijk met name te concurreren met de opbouw van vermogen via het lijfrentebanksparen. We vergelijken daarom de opbouw via de oudedagsreserve en de opbouw van vermogen in box 3 niet met het pensioenfonds in deze nieuwsbrief. Overigens bestaat naar ons idee de opbouw van vermogen voor later (pensionering) bijna nooit uit één van de mogelijkheden. Een combinatie van de mogelijkheden is vaak de beste oplossing om aan zoveel mogelijk wensen en doelstellingen (hoogte van het inkomen, flexibiliteit van het op te bouwen vermogen en het uit te keren inkomen) te voldoen die ondernemer stelt aan het inkomen voor later.

Lijfrentebanksparen
Via lijfrentebanksparen kunt u onder vrijwel exact dezelfde voorwaarden pensioen opbouwen zoals bij het ZZP pensioenfonds. De overeenkomsten zijn:

  • Inleg is flexibel en vrijwillig. Wel is er een fiscale formule die de inleg beperkt aan de hand van de hoogte van het inkomen. In 2014 kan maximaal een bedrag van € 25.181 ingelegd worden bij een inkomen van € 174.286. Naarmate het inkomen lager is, kan er minder ingelegd worden. Bij een inkomen van € 11.829 of lager kan er geen inleg worden gedaan;
  • Bij onverhoopt vroegtijdig overlijden van de ZZP-er gaat het vermogen over naar de nabestaanden;
  • Het opgebouwde vermogen is niet opeisbaar voor derden;
  • De inleg is volledig aftrekbaar van de inkomstenbelasting in box 1 en de uitkeringen zijn belast voor de inkomstenbelasting in box 1 op het moment van uitkeren. Het opgebouwde vermogen wordt niet belast in box 3 met de vermogensrendementsheffing van 1,2%


Er zijn ook een aantal kleine verschillen en één groot verschil:

  • Het belangrijkste verschil is dat de ZZP-er bij arbeidsongeschiktheid (een deel van) het vermogen in het pensioenfonds voor de ZZP-er kan opnemen. Dat kan bij lijfrentebanksparen niet;
  • Wanneer een uitkering vanuit de lijfrentebankspaarrekening wordt ontvangen voor de AOW richtleeftijd (nu 67 jaar), dient de minimale uitkeringsduur 20 jaar plus alle jaren voor de AOW richtleeftijd te bedragen. Dus bij een aanvang van de uitkering op 60 jarige leeftijd dient de uitkering minimaal 27 jaar te bedragen. Dit terwijl via het pensioenfonds de minimale uitkering tien jaar kan bedragen;
  • Overigens dient de minimale uitkeringsduur bij lijfrentebanksparen minimaal vijf jaar te bedragen als de uitkering ingaat na 67 jarige leeftijd, terwijl dit bij het pensioenfonds dus minimaal tien jaar dient te bedragen;
  • In de lijfrentebankspaarrekening kan zowel gespaard als belegd worden, vooralsnog lijkt er in het pensioenfonds voor de ZZP-er alleen te kunnen worden belegd


De verschillen tussen het pensioenfonds en het lijfrentebanksparen zijn naar ons idee zeer beperkt. Een belangrijk voordeel van het pensioenfonds is de opname bij arbeidsongeschiktheid. Wij zien een mooie mogelijkheid om het pensioenfonds te combineren met lijfrentebanksparen. Met name voor de ondernemer die eerder wil stoppen met werken. Het is echter vraag of dit mogelijk zal zijn. Alles overziend zijn wij blij met de extra mogelijkheid, maar zijn de verschillen met banksparen gering.

Wat niet verandert is het belang van inzicht voor de ondernemer. Inzicht in:

  • Wat de huidige inkomsten en uitgaven zijn;
  • Hoeveel er nodig is om de huidige levensstijl te handhaven of een andere levensstijl te behalen;
  • Welke risico’s er af gedekt zijn (denk aan inkomensgevolgen bij overlijden en arbeidsongeschiktheid op korte termijn);
  • Hoeveel er dan nog overblijft om op zij te zetten voor het inkomen van later;
  • Wat de uitgaven na pensionering zijn;
  • Welke levensstijl hij/zij na pensionering wenst;
  • Hoeveel inkomen hij/zij nodig heeft na pensionering om de uitgaven te kunnen doen en de levensstijl (uitgavenpatroon) te handhaven;
  • Hoeveel vermogen er nodig is en per welke data om het gewenste inkomen na pensionering te behalen


Uw adviseur van QP Advies kan u dat inzicht geven door middel van het Persoonlijk Financieel Overzicht en het Financieel Plan. Het Persoonlijk Financieel Overzicht is een rapportage van uw huidige en toekomstige financiële situatie, waarin de inkomensgevolgen bij overlijden, arbeidsongeschiktheid, werkloosheid en pensionering zijn opgenomen. U ontvangt een uitstekend overzicht van uw huidige financiële situatie. Het Persoonlijk Financieel Overzicht vormt het financiële uitgangspunt voor uw Financieel Plan. In het Financieel Plan werken wij uit hoe u uw doelen kunt bereiken en uw gewenste levensstijl kunt behalen. Het Financieel Plan geeft u een overzicht van uw gehele financiële strategie; van uw wensen en doelstellingen, budget advies op basis van uw levensstijl en vermogensadvies om uw toekomstige levensstijl veilig te stellen tot vermogensoverdracht (estate planning). In het Financieel Plan worden ook de mogelijkheden voor het opbouwen van vermogen vergeleken met uw wensen en doelstellingen tijdens de opbouw van het vermogen en tijdens de uitkeringsfase. Door middel van die vergelijking kan de beste combinatie van oplossingen vastgesteld worden.

Indien u vragen heeft over dit artikel, kunt u contact info@qp-advies.nl met ons opnemen.



Op de hoogte
Lening energiebesparing

Vanaf 21 januari 2014 is het mogelijk om een energiebespaarlening af te sluiten om te investeren in energiebesparende maatregelen in de eigenwoning.  De lening kan gebruikt worden voor 14 energiebesparende maatregelen. De voorwaarden staan op www.ikinvesteerslim.nl

De lening bedraagt minimaal € 2.500 en maximaal € 25.000 en moet annuïtair afgelost worden en geldt alleen voor particuliere eigenaren van bestaande woningen. De looptijd is afhankelijk van de hoogte van de lening, maar is 7 of 10 jaar.

De Energiebespaarlening wordt verstrekt uit het Nationaal Energiebespaarfonds, dat is voortgevloeid uit het Woonakkoord 2013 en het Energieakkoord 2013.  In totaal is er € 300 miljoen beschikbaar, waarvan het Rijk € 75 miljoen bijdraagt. De Rabobank en ASN Bank brengen als co-financiers de resterende € 225 miljoen in. Afsluitkosten, rente en aflossing vloeien weer terug in dit fonds, waardoor het fonds zichzelf in stand houdt. Het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn) treedt op als uitvoeringsinstantie.

Bron: www.seh.nl

Afwikkeling lijfrente bij echtscheiding

Toedelen van een lijfrentevoorziening bij het verdelen van een gemeenschap van goederen kan fiscale gevolgen hebben. Stel dat één van de ex-partners de lijfrentevoorziening krijgt toebedeeld en deze de andere partner hiervoor een vergoeding betaalt kan dit nadelige fiscale gevolgen hebben. De vergoeding die de ex-partner ontvangt in verband met de verrekening van de waarde van de lijfrente is belast bij de ontvanger (Wet IB 2001). Voor de ex-partner die de vergoeding betaalt, is de vergoeding als persoonsgebonden aftrek aftrekbaar (Wet IB 2001).

Dit kan voorkomen worden als ex-partners in het jaar van scheiding als fiscaal partners gezamenlijk aangifte te doen. Dit kan op grond van artikel 2.17 lid 5 sub c en lid 7 Wet IB 2001. De blastbare periodieke uitkering en verstrekking bij de ontvanger kan door het toerekenen van de persoonsgebonden aftrek worden geneutraliseerd. Wel zal er een inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekeringswet betaald moeten worden.

Bron: www.deno.nl


Renteverwachting hypotheken
QP Advies informeert u graag over de ontwikkeling van de rente en de verwachtingen omtrent de richting van de rente. Hierbij wordt een verschil gemaakt tussen de korte/variabele rente en de lange rente.

Verwachtingen voor de korte/variabele rente
De ECB verlaagde op 5 juni jongstleden de refirente en de depositorente met tien basispunten. De refirente bedraagt nu 0,15% en de depositorente is negatief (-0,10%). Tijdens de persconferentie, van juni, liet ECB-president Mario Draghi doorschemeren dat de rente voorlopig niet verder wordt verlaagd. Daardoor zijn de euriborrentes gedaald. Veel variabele en korte hypotheekrentes van geldverstrekkers zijn gekoppeld aan deze euriborrentes.
Na de ingrijpende maatregelen van de vergadering van de ECB in juni, was de vergadering in juli minder spannend. Wel werden de details bekend gemaakt van de zogenaamde TLTRO’s. Dit zijn leningen die aan banken worden verstrekt onder de voorwaarde dat de banken dit geld gebruiken voor kredietverstrekking aan het midden- en kleinbedrijf. Het brede pakket ECB-maatregelen van juni heeft de geldmarktrentes en de impliciete geldmarktrentes in futures gedrukt. Voorts zien wij bij een gematigd economisch herstel, een einde aan de desinflatie dit jaar en een lichte inflatiestijging volgend jaar, waardoor de ECB de huidige renteniveaus kan blijven handhaven. Een rentestijging is dus niet op kort termijn te verwachten.
Wij verwachten op grond van het bovenstaande dat de komende periode de korte en  de variabele hypotheekrente ongeveer gelijk zal blijven dan wel licht zal dalen.

Verwachtingen voor de lange rente

De rente op Nederlandse tienjaars staatsobligaties daalde de afgelopen periode tot onder de 1,50%. Het rendement op tienjarige Duitse staatsobligaties (Bunds) zakte tot onder 1,30%, het laagste niveau sinds mei 2013, maar was nog wel hoger dan het niveau van juli 2012 (1,16%) toen de staatsschuldencrisis in Europa haar voorlopige hoogtepunt bereikte.

Naast de kapitaalmarktrente is de renteopslag (boven het swaptarief) die Nederlandse financiële instellingen betalen als ze geld lenen op de kapitaalmarkt een andere belangrijke variabele die van invloed is op de hoogte van de lange hypotheekrentetarieven. Deze renteopslag is de afgelopen tijd ook afgenomen.

Wij verwachten dat de obligatierendementen voorlopig nog laag blijven. Later dit jaar en volgend jaar kunnen de obligatierendementen weer gaan oplopen, wanneer het economisch herstel verder gestalte krijgt en de inflatie langzaam oploopt.

Wij verwachten op grond van het bovenstaande dat de hypotheekrentetarieven voor lange rentevast perioden de komende periode ongeveer gelijk zullen blijven dan wel licht zullen dalen.

Disclaimer
Deze rentevisie is gebaseerd op een prognose afkomstig van de afdeling Balansmanagement van ABN AMRO Hypotheken Groep. De prognose is aangevuld en bewerkt door QP Advies. ABN AMRO Hypotheken Groep en QP Advies aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden in de gegevens of prognoses, noch voor de consequenties van het al dan niet handelen op basis van de gepresenteerde renteprognoses en/of gegevens.


Overzicht spaarrente
Onderstaand geven wij u een overzicht van de internetspaarrekening die QP Advies u kan aanbieden. De banken die deze rekeningen aanbieden zijn allen aangesloten bij een collectieve garantieregeling. Voor een compleet overzicht geven wij ook de rentestand van de betreffende rekeningen per april 2014.

Bank Huidige rente Rente april 2014 Voorwaarden
Argenta Spaarrekening 1,65% 1,75% -
Argenta Jongerenrekening 1,8% 1,9% < 18 jaar
Delta Lloyd 1,3% 1,5% Saldo tot € 25.000
Delta Lloyd 1,5% 1,7% Saldo vanaf € 25.000
Reaal Loyaalsparen 1,3% 1,5% Wordt niet meer actief
aangeboden
Zwitserleven 1,7% 1,7% Maandelijkse inleg
€ 100 - € 1.000


achtergrond